Greet Langen: VuurVogelVrouw

Ik schreef onder begeleiding van een schrijfdocente en medecursisten in knst.Hasselt een dichtbundel die  is opgebouwd rond een VuurVogelVrouw, een hedendaagse vrouwelijke Feniks, die doorheen de fasen van Vonken, Vlammen, As en Gloed helemaal zichzelf wordt. Het gaat om mijn herstelverhaal in 64 gedichten.

Ik geef als co-trainer  cursussen Herstelverhaal vormgeven en Herstelverhaal schrijven, de Schrijftuin en het Vertelsalon voor Herstelacademie Diest.

Ik publiceerde in uitgaven van Uitgeverij P, Het gezeefde gedicht, Woordentij, Reveil en Oikonde en won in 2018 de Kronkelprijs van vzw Uilenspiegel met het gedicht De laatste nacht

Ik ben van opleiding maatschappelijk assistente.

Ik stelde op 2 oktober jl. mijn dichtbundel feestelijk voor in de conferentiezaal van Zorggroep Annendael. Ik neem jullie nu, net als toen, even mee doorheen het opzet van mijn bundel.

Eerste deel

In het eerste deel VONKEN, schets ik het beeld van mijn opgroeisituatie: ik die dacht enig kind te zijn, bleek een broer te hebben die een paar jaar voor mij werd geboren en een paar dagen na de geboorte stierf. Door die ervaring gingen mijn ouders mij, als vervangkind, heel erg warm, maar overbeschermend opvoeden, wat nadelig is, wanneer er moeilijke dingen op je pad komen: je weet niet hoe je jezelf moet verweren en je hebt ook nooit leren ‘botsen’.

Vonken

opgroeien in kamers zonder lucht

waar elke deur zacht wordt dicht gehouden

waar zorgen zich vastzetten in elke kier

hier, in dit zachte, krappe nest

is de wereld scherp

een plek waar elke schaduw kan bijten

en elke gedachte strijdt

duistere ideeën

trekken  richtingloos

 

een siddering, klein maar koppig

 

een lichtpunt dat weigert te doven

een muur breekt

en weet

dat hij groeien zal

Tweede deel

Deel twee VLAMMEN vertelt het verhaal van mij als twintigjarige studente aan de sociale hogeschool, die verliefd wordt op de populairste jongen uit de klas, maar geen woorden vindt  om uit te drukken dat ze geen seksuele ervaring heeft en die zo opgaat in die verliefdheid dat ze zichzelf verliest in een psychose. Dit woord, psychose, komt nergens in mijn bundel voor: ik vind dat een lelijk woord, niet poëtisch genoeg, maar ik denk dat ik er wel in geslaagd ben de lezer mee te nemen in die algehele verwarring en de eerste confrontatie met een psychiatrisch ziekenhuis.

Vlammen

voorgekauwd en elke angst

weggewuifd tot ze vergat

hoe haar eigen voeten klonken

 

twijfels vraten aan haar nachten

ze dwaalde slapeloos alleen door straten

fluisteringen groeiden tot schaduwen

die waarheid speelden

gedachten begonnen te hellen

de wereld werd scheef

en zij gleed mee

 

wat begon als vonk

werd brand

werd laaiende twijfel

wezenloos

woekerend

Derde deel

Het derde deel AS, gaat over hoe je jezelf weer bij elkaar moet rapen als je het gevoel hebt dat je in meer dan tienduizend stukjes uit elkaar bent gevallen. Hoe een Tuinman (psychiater) en een Wroetvrouw (therapeute) me tools geven om recht te krabbelen. Hoe ik toen worstelde met het idee tekort te schieten als moeder. Hoe ik stilaan weer zin krijg in het leven, in de band met vriendinnen, hoe deugdzaam de zee en connectie met anderen kan zijn.

As

ik loop door dagen die niet meer luisteren

naar alles wat ik was,

stil als verkoolde letters

van een verhaal dat niemand mag lezen

zelfs mijn studieboeken lijken mijn naam vergeten

als rook die nergens blijft hangen

 

ik draag een geheim dat zwaarder

is dan mijn eigen lichaam,

er is gezegd dat ik moet zwijgen, dus vouw ik

mijn stem op en steek haar weg

tussen de naden van mijn jas

 

mensen vragen hoe het gaat en ik antwoord

met de as die ik van mijn wangen veeg

het kruipt in elke plooi van mijn dagen

zit naast me aan tafel, onuitgenodigd       

kent de weg beter dan ik

alleen zijn is misschien ook een vorm van blijven

Vierde deel

Het laatste deel GLOED leef ik helemaal op door mijn creativiteit te ontdekken in klei, schrijven, yoga, de liefde, mijn thuisgevoel in Het land van de Witte, mijn inzet in de Herstelacademie, kortom: de Vuurvogelvrouw, zoals ik mezelf uiteindelijk beschrijf, kan ruimer vliegen dan ooit tevoren…

Gloed

ik besta niet meer

niet in de vonk die opspringt

niet in de vlam die alles opslokt

niet als de as in mijn eigen vallei

 

hier, in het nabranden, waar warmte zonder vuur

kan bestaan, ontmoet ik de Wroetvrouw

die mij woelend de weg wijst

in mijn binnenste spit

tot ik weer adem

de Tuinman kijkt verbaasd

hoe ik als serreplantje

groei en buiten

wortel schiet

 

ik leer mijn lijf opnieuw te bewonen:

in de rek van yoga, in de weerstand

van klei, in mensen die oplichten als kleine kampvuurtjes

ik leef met de doden

vind mezelf terug in kamers en gangen

die ik herken als echo’s van mijn eigen fluisteren

 

gloed is wat blijft wanneer het vuur zijn verhaal heeft verteld

is het licht dat niet meer brandt

maar wél blijft schijnen

 

en ik, vuurvogelvrouw, zit in dat licht

en kijk hoe ik groei             

Herstelacademie

Ik hou van schrijven, lezen en helpen

Hou jij van structuur, ik van hoe je kan lopen op schelpen

Jij van je kwetsbaarheid, ik van hoe ik je tranen kan stelpen

Jij van je kans. Ik van je doorzetten

 

Hou jij vast aan het verleden. Ik van hoe je dat om kan buigen

Hou jij van honderd levens herbeleven

ik van wat er van jou overeind is gebleven

en hoe je met wegwijzers uit je verhaal kan kruipen

 

Jij houdt van wat was. Ik van wie je nu bent

Ik geef om jou. Hou jij maar vast aan jouw talent

Dit gedicht schreef ik naar analogie met de vorm van Herman de Conincks Vijfjarenplan

VuurVogelVrouw

in een huis waar stilte als een stolp neerdaalde

waar vleugels niet mochten ruisen en

dromen klein moesten blijven

leerde ik zuinig ademen,

alsof lucht een luxe was

maar diep in mij gloeide toen al een vonk

 

toen de stolp eindelijk brak

struikelde ik over mijn eigen vrijheid

ik kraakte in stilte

verpulverde

tot ik niet meer

viel, maar zweefde

en neerdaalde als as

 

met handen vol aarde kwam de Tuinman,

met wortels vol wijsheid de Wroetvrouw

samen bliezen zij zachtjes

zuurstof in mijn verkoolde kern

langzaam richtte ik me op

opnieuw, anders, sterker

 

nu herken ik mezelf in de ogen van anderen

zie ik hoe mijn gloed hun paden verlicht

zonder mezelf te verliezen

ik vlieg ruimer dan ooit tevoren

ik straal, ben volledig

de VuurVogelVrouw

Bestel de dichtbundel VuurVogelVrouw

Wil je de volledige cyclus van 64 gedichten ontdekken of een exemplaar van de bundel bestellen?